Verkleuring van Antwerpen: probleem of verrijking?

Op een Antwerpse tram zitten een zestal jonge vrouwen van Noordafrikaanse afkomst luidkeels met elkaar te kletsen. Ze hebben elk een kinderwagen. Ze hebben het duidelijk naar hun zin. Ze voelen zich thuis en op hun gemak.

Als één van hen afstapt, krijgt ze de hulp van de anderen. Er zitten ook wat oudere dames van Belgische komaf op de tram. Zij geraken met al die kinderwagens moeilijk aan een zitplaats. De doorgang wordt hen niet gemakkelijk gemaakt. Ze lijken minder op hun gemak en geïrriteerd door het on-Vlaams luid gepraat. Het samenleven in Antwerpen van mensen met een verschillende etnische achtergrond is dikwijls niet gemakkelijk. Ook kleine dingen kunnen irriteren.

Polarisatie
Op de tram waren de buitenlandse vrouwen in de meerderheid. De verkleuring van Antwerpen is groot en zal nog toenemen. De Gazet van Antwerpen meldt: 56,4 procent van de Antwerpse kinderen tot negen jaar is van allochtone origine. Het percentage komt van de studiedienst van de stad. Die beschouwt als allochtoon kinderen van ouders die oorspronkelijk uit het buitenland komen. Ook al zijn ze hier geboren en hebben ze de Belgische nationaliteit.

De bestaande samenlevingsproblemen kunnen dus groter worden Anders dan de jonge vrouwen op de tram voelen veel allochtonen zich tweederangsburgers. Velen zitten onder de armoedegrens, hebben een beperkte opleiding en daardoor weinig beroepskansen. Ze zijn slecht gehuisvest... Anderzijds benutten ze soms de geboden kansen niet. Ze nemen geen verantwoordelijkheid. Dat stuit Belgen, dikwijls ouderen die het ook niet breed hebben, tegen de borst. De groepen keren elkaar de rug toe. Polarisatie dreigt.

Stadsklap
Er is dus grote nood aan  positieve acties. Gelukkig zijn die er al. Sommige van mijn vrienden nemen geregeld deel aan een Stadsklap. Een gemengde groep komt samen: vijf Belgen (meestal gepensioneerde vrijwilligers) en 10 nieuwkomers bijvoorbeeld. Om een gesprek op gang te brengen over elkaars gewoonten trekt iemand een vraag uit een set kaarten: “Heb je al met je buren gesproken?” “Iemand valt op straat. Help je hem?” “Waar koop je je eten?” Ook moeilijker vragen zitten in de set: “Je ongehuwd dochter komt thuis en vertelt dat ze zwanger is. Wat doe je?” Zo komen hele gesprekken tot stand. De begeleiding is in handen van VormingPlus. Dikwijls is er ook een tolk bij. De Stadsklap is een onderdeel van de verplichte inburgeringscursus. Mijn vrienden vinden het interessante ontmoetingen die ook hun blik verruimen. Dit lijkt me een goede methode om wederzijds begrip te bevorderen los van assimilatiedwang.

Zomerschool
Andere vrienden zijn vrijwilliger in de Zomerschool. Ze geven elk jaar gedurende zes weken in de grote vakantie een taalbad aan een 70tal kinderen van 5 tot 12 jaar. De kinderen worden ingedeeld in groepjes van 15 en komen elke voormiddag naar hun zomerschool. De vrijwilligers praten uitsluitend Nederlands. Met prenten en spelletjes leren ze Nederlandse woorden. Ze trekken er op uit de stad in naar de Zoo, naar musea, naar de Schelde, de Linkeroever... en leren woorden in de realiteit.
’s Namiddags komen de vrijwilligers bijeen om het over de kinderen te hebben. Wie heeft speciaal talent voor voetbal of voor tekenen? De ouders krijgen de suggestie om hun kind naar een voetbalclub of tekenacademie te sturen. Zijn er kinderen die niet goed zien of horen? Of andere speciale hulp nodig hebben? De ouders krijgen suggesties. Op het einde van de zes weken krijgen de ouders de raad om hun kinderen in hun eigen buurt naar school te sturen.

En nu de overheid
Het Antwerps stadsbestuur kan zich inspireren aan dit vrijwilligersinitiatief. En taalstimulerende activiteiten bevorderen. Taalvaardigheid is de sleutel tot emancipatie en participatie in onderwijs en samenleving. Ik pleit voor extra  ondersteuning voor scholen met veel kansarme allochtone én autochtone, leerlingen.

Etnisch ondernemerschap
Ik woon niet ver van de Brederodestraat. Enkele keren ben ik er naar een goedkope Turkse kapper geweest. Maar mijn vrouw was niet tevreden met het resultaat. Ze suggereerde me een kapster. Haar werk vonden we beiden OK. Ze bleek van Spaanse afkomst te zijn. Niet van de tijd van Alva, maar een recente inwijkeling. Haar ouders wonen nog in Spanje. Ook dat illustreert het uitgesproken multiculturele karakter van Antwerpen.

Mijn grootouders woonden in een zijstraat van de Brederodestraat. Ze zouden hun buurt niet herkennen. Zowat alle winkeliers zijn nu van Turken. De winkels stonden leeg, omdat zoveel witte Antwerpenaren hun stad hadden verlaten voor de groenere randgemeenten. Eigenlijk hebben die Turkse zelfstandigen de leegstand en de verkrotting van een mooie winkelstraat uit de tijd van mijn grootouders voorkomen. Dat is in heel wat Antwerpse winkelstraten gebeurd. Het beginnen van een eigen zaak is een goed middel om deel te worden van de samenleving.

Maar meer aandacht van de stad, de kamer van koophandel en ondernemersnetwerken is nodig, want de allochtone ondernemer kampt met problemen. Hij is niet op de hoogte van de wetgeving, hij maakt weinig gebruik van bestaande voorzieningen... De stad kan meer investeren in vorming en begeleiding van allochtone ondernemers.  Had mijn Turkse kapper beter leren knippen. Ik was nog zijn klant.

Tenslotte
De verkleuring van Antwerpen is een feit. Dat kan voor grote problemen zorgen. Maar het kan ook een verrijking betekenen. Vrijwilligersinitiatieven wijzen de weg. De overheid kan zich daaraan spiegelen en een positief diversiteitsbeleid voeren. Het kan er toe leiden dat allochtone vrouwen op de Antwerpse tram  behulpzamer zijn ook voor oudere dames van Belgische komaf.

Hugo Van Dienderen, gewezen volksvertegenwoordiger Groen! en huidig voorzitter van Groen!Plus